• Tekst: naar het Duits "Was kommt dort von der Höh?"
  • Muziek: Volkswijs "Bei Hall' ist eine Mühl", na 1780

Wat komt er van de berg? (bis)
Wat komt er van de houten berg?
Sa, sa, houten berg,
Wat komt er van de berg?

De peters zetten hun schachten af achter de tafel van de schachtenmeester en zingen:

Het is een postiljon, (bis)
Het is een houten postiljon,
Sa, sa, postiljon,
Het is een postiljon.

Ouderejaars aan de clubtafel:

Wat brengt de postiljon?
(in het derde vers wordt steeds “houten” ingelast).

Peters (elke peter blijft tot bij het einde van het lied achter zijne schacht staan):

Hij brengt een schachtje mee.

Schachten (telkens voorgezongen door de peters):

Uw dienaar, mijne heren.

Ouderejaars:

Wat doet de heer papa?

Schachten:

Hij leest de Kikero

Ouderejaars:

Wat doet de vrouw mama?

Schachten:

Die vangt papa zijn vlooi.

Ouderejaars:

Wat doet uw mamzel soeur?

Schachten:

Zijn stopt, zij stopt, zij stopt
Het gat in hare kous
Het gat in hare houten kous

Ouderejaars:

Wat doet de rector nu?

De schachtenmeester geeft de schachten enkele slagen en duwen.

Peters:

Hij slaat de schachten blauw.

Ouderejaars:

Mag onze schacht Jack-op?

Schachten:

Niet al te veel, mijnheer.

Ouderejaars:

Zo steek uw pijp eens aan.

Schachten:

Het wordt me nu zo naar, (bis)
Aai mij, het wordt me nu zo naar.

Ouderejaars:

Zo hoepel dan maar op, (bis)
Vooruit, zo hoepel dan maar op.

De peters nemen hun schachten weer op de rug, lopen nog eenmaal rond de clubtafel, en verlaten de clubzaal.

Ouderejaars:

Zo dopen we een schacht.