• Tekst: August Cuppens (1862-1924)
  • Muziek: Lodewijk de Vocht (1887-1977)

1. Liefde gaf u duizend namen
Groot en edel, schoon en zoet,
Maar geen eeen die 't hart der Vlamen
Even hoog verblijden doet
Als de naam, o moedermaagd,
Die gij in ons landje draagt,
Schoner klinkt hij dan al d'and'ren:
Onze Lieve Vrouw van Vlaand'ren (bis).

2. Waar men ga langs Vlaamse wegen,
Oude hoeve, huis of tronk,
Komt men u, Maria, tegen,
Staat uw beeltenis te pronk,
Lacht ons toe uit lindegroen,
Bloemenkrans of blij festoen,
Moge 't nimmer dier verand'ren,
O gij Lieve Vrouw van Vlaand'ren (bis).

3. Blijf in 't Vlaamse harte tronen
Als de hoogste koningin,
Als de beste moeder wonen
In elk Vlaamse huisgezin.
Sta ons bij in alle nood,
Nu en in het uur der dood,
Ons, uw kind'ren, en ook d'and'ren,
Liefste Lieve Vrouw van Vlaand'ren (bis).